Toen ik pas was bevallen van Jasper dacht ik 'och ja...een keer zo, een keer anders'.
Verne was namelijk meteen een beeldje, vers uit de buik.
Jasper vond ik eigenlijk wat tegenvallen...deukneusje en bleek haar.
Ik dacht toen nog voor donker te zijn.
Ik vond hem absoluut een mooi manneken, oprecht mooier dan de kinderen van andere moeders, maar minder dan 'mijn kind' Verne.
Want dat bleek nieuwke dat daar ineens in mijn armen lag te kermen, voelde minder het mijne dan mijn eerste donkere exemplaar dat ik - zo bleek- 3 dagen niet zou zien.
Hormonia zeker? Maar het is de waarheid.
Stout van mij?
Goh.
Kijk en oordeel zelf.
![]() |
| Verne. Seconden oud. |
![]() |
| Jasper, seconden uit. |
![]() |
| Verneke, een maandje of twee gok ik. |
![]() |
| Jaspertje, dezelfde leeftijd. Dat zie ik aan de blauwe achtergrond. |
Beken, objectief...dat eerste was toch het schoonste?!
Een schuldgevoel dat ik me daaraan overgehouden heb, jongens toch.
Niet dat het kind ooit geweten heeft dat ik dat dacht, en nu ik het hier opschrijf maak ik het nog tien keer erger natuurlijk. Nu kan dat aapje dat hier komen lezen, zwart op wit.
Maar ondertussen.
Ondertussen is alles anders.
Oh, hoe ondertussen alles anders is!
Nu is Verne vaak het neutjen. Schoon kind, dat staat buiten kijf.
Maar op Jasper ben ik écht verliefd nu.
Ver-liefd.
Die goudblonde krulletjes, de deugenieterij, zijn maniertjes...alles aan Jaspertje is goddelijk.
Veel te kleine ledemaatjes om al stoer te doen, maar toch kan hij het. Hij stapt anders soms, cooler, puberaal. Hij paradeert graag naakt door huis, slaat dan op eigen billen en brult 'machineuuhhh' terwijl hij checkt of je wel lacht. Vermakelijk.
Tegelijk is hij zacht, empatisch, zorgzaam en erg gehecht aan liefdesverklaringen.
Knuffelaar.
"Mammie" zegt hij dan. Met ie.
Zoveel verslavender dan a.
Gelijk waar we komen en ook thuis, herhaalt hij tegen iedereen of gewoon tegen zichzelf:
"Isse mijn mama."
" Isse mijn mama he? Mijne. Mijne mama."
Repeat, repeat, repeat.
Knuffel, streel, aai, nijp.
Af en toe opeisend, maar meestal met absolute verheerlijking in zijn stem.
Alsof ik de vleesgeworden engel Gods ben.
Dan sluit hij zijn armen om mijn dij, komt neuzeneuze doen, begraaft zijn neus in mijn billen en schudt daarbij zijn hoofd.
Billen? Ja billen. Hoofdschudden? Uhu.
We're close like that.
Heerlijk vind ik dat.
Ik drink sloten liefde van dat kind.
Gulzig.
Hij doet bij voorkeur alles wat niet mag.
Maar ik vergeef, verliefd.
En nu besef ik.
Het is op deze leeftijd, of iets vroeger maar toch midden in dezelfde hyperintense verliefheid voor 'mijn' Verneke dat ik een tweede kreeg. Te vroeg misschien, al zijn er geen garanties dat die verliefdheid ooit mindert.
Daar kan niemand tegenop. Ook geen boreling. Zelfs Matijs niet.
Te verliefd.
Soms zijn moeder en kind gewoon één.
Niet?
Wat een geluk dat wij geen kinderen meer willen, zeg.
Ik deel mijn liefde nu met drie mannen, en ben braaf om beurten 'meest' op één van hen verliefd.
Ik geloof niet dat ik nog een vierde man aankan.
Menage à quatre, daar ligt mijn grens.
Zo blijkt.
Pas mal.






























